Instrumenten informatie


 

 

Overzicht

U vindt hier een overzicht van alle instrumenten die u bij ons kunt leren bespelen

Algemene muzikale vorming (AMV)

AMVDe cursus AMV is de aangewezen weg om kinderen uit groep 4 en 5 van de basisschool kennis te laten maken met muziek. De cursus duurt een jaar en wordt gegeven in de vorm van klassikale lessen, die 45 minuten duren. Tijdens de AMV-lessen maakt uw kind kennis met allerlei muzikale begrippen. De eerste beginselen van het notenschrift komen aan de orde en worden in praktijk gebracht met behulp van Orff-instrumenten (xylofoons e.d.)
 
 
 
Een greep uit de inhoud van de AMV-cursus: 
  • wat is muziek? 
  • hoog / laag 
  • sterk / zwak 
  • ritme: herkennen, noteren en tikken
  • maat: herkennen, noteren en tikken 
  • melodie; eenvoudig treffen soorten muziek
  • muziekinstrumenten samen spelen op Orff-instrumenten
  • beluisteren van muziekstukken naar aanleiding van de instrumenten, inhoud, vorm of andere kenmerkende eigenschappen. 
Dat klinkt allemaal misschien heel moeilijk en gewichtig, maar denk niet dat het moeilijke of saaie lessen zijn. Alles wordt op een speelse manier behandeld, met veel zingen, klappen en spelletjes. Vroeger werd in de AMV-les de blokfluit gebruikt als hulpmiddel bij het noten lezen. Tegenwoordig gebeurt dat niet meer. Wie blokfluit wil spelen als hoofdinstrument, kan terecht bij de blokfluitlessen. In de AMV-cursus hebben de Orff-instrumenten de functie van de blokfluit overgenomen. Het is bij ons niet verplicht dat kinderen eerst de AMV-cursus volgen, maar we raden het in de meeste gevallen wél aan: deze cursus biedt een goede ondergrond.  Aan het eind van het cursusjaar krijgen de AMV-leerlingen de gelegenheid, op drie instrumenten naar keuze een probeerles te volgen. Docente is Ellen Kruithof.

Blokfluit

De blokfluit is een rechte houten fluit waarin een “blokje” hout is geplaatst, zodat je via een smalle spleet de fluit aanblaast. Dit blokje moet het vocht goed kunnen vasthouden en wordt daarom vaak van een andere houtsoort gemaakt dat de fluit zelf.

blokfluitWij geven uitsluitend les op blokfluiten met een barokboring. Gewoonlijk beginnen we met kunststof fluiten met barokboring. De prijzen van deze kunststof fluiten liggen rond de 11 Euro voor de sopraanblokfluit en rond de 20 Euro voor de alt. Gevorderde leerlingen kopen later meestal een houten fluit. Er zijn vijf types blokluit waaruit je kunt kiezen (van heel hoog naar heel laag): sopranino-, sopraan-, alt-, tenor- en basblokfluit. Jonge kinderen beginnen meestal met een sopraanblokfluit; oudere kinderen en volwassenen kiezen vaak direct voor de altblokfluit.

 

Ideaal als eerste kennismaking is de introductiecursus blokfluit, die bestaat uit klassikale lessen van 45 minuten per week bij een groepsgrootte van ongeveer 8 leerlingen.

Voor gevorderde leerlingen bestaat de mogelijkheid om mee te spelen in het blokfluitensemble van de muziekschool. Docenten zijn Maaike Dessens en Karin Slijkhuis.

Cello

De cello heet eigenlijk violoncello en is familie van de viool.‘t Is een veelzijdig instrument: een prachtig solo-instrument, maar ook een orkestinstrument. In een orkest zitten soms wel 10 of 12 cello’s.

Als je graag in een klein groepje speelt is de cello onmisbaar. Want de cello kan de baspartij spelen, maar is ook een prachtig melodie-instrument. Het geluid ontstaat doordat je met een strijkstok op de snaren strijkt. Net als de viool, hoort de cello dus bij de strijkinstrumenten. Leren cellospelen is een spannend avontuur met veel samenspel en bewegingsoefeningen. De lessen worden aangepast aan de leerling. Ook kinderen met leerproblemen (bijv. dyslexie) zijn welkom. Voor hen is er een speelse methode om noten te leren lezen. Vioolbouwer Michael van Berkum in Zutphen heeft mooie huurinstrumenten. Kinderen beginnen op kleinere cello’s : ¼, ½ en ¾.   Pas als je toe bent aan een hele cello is het verstandig om een cello te kopen. Een goede cello koop je voor  €2500 tot €4000.

Docente is Anne Knappstein.

Dwarsfluit

dwarsfluitDe dwarsfluit is een veelzijdig instrument. Je kunt er in je eentje op spelen, op je slaapkamer bijvoorbeeld, maar ook in een groepje op school of in een ensemble op de muziekschool. Je kunt er klassieke muziek op spelen, maar ook moderne muziek of pop, je kunt samen met een pianist of met een gitarist spelen, maar ook met begeleiding van een cd of cassettebandje. En... een dwarsfluit draag je gemakkelijk overal mee naar toe.

Als regel beginnen kinderen vanaf ongeveer 9 jaar met dwarsfluit. Hoe jong je precies kunt beginnen, is vooral afhankelijk van je lichamelijke ontwikkeling. Wie ca. 20 minuten per dag oefent, kan na een paar maanden al heel wat liedjes spelen. Het lesgeld dat je betaalt, is uitsluitend voor de lessen. Daar komen dus nog de boeken bij en de fluit. Voor het eerste jaar ben je ongeveer 35 Euro aan boeken kwijt. Voor de fluit zelf betaal je natuurlijk wel wat meer. Koop echter nooit een “tweedehandsje” dat niet door de dwarsfluitdocente is beoordeeld. De beste -en duurste- aanschaf is een Yamaha fluit (ca. 640 Euro) of een Gemeinhardt (ca. 435 Euro, iets minder mooie klank). Dan heb je gewoon een heel goede fluit, met garantie. Er zijn ook fluiten te koop tussen 230 en 365 Euro, maar die zijn kwalitatief veel minder. Veel beginnende leerlingen huren de fluit eerst een jaar; bij verschillende muziekhandels in de regio bestaat die mogelijkheid.

Docente dwarsfluit is Marion Rohaan

Gitaar

gitaarDe gitaarklank ontstaat doordat snaren in trilling worden gebracht; deze trillingen worden door de klankkast versterkt.

Naast de klassieke gitaar (ook wel Spaanse gitaar genoemd) zijn er tal van andere gitaren, o.a.:
flamencogitaar (klinkt feller dan een klassieke gitaar);
de country&western-gitaar (grote klankkast, stalen snaren);
de elektrische gitaar (klank wordt versterkt d.m.v. een versterker plus speaker);
de basgitaar (een soort elektrische contrabas met 4 snaren).
Enkele mogelijkheden van de gitaar:
je kunt er een melodie op spelen (de gitaar is dus een melodisch instrument);
je kunt er accoorden op spelen (de gitaar is dus ook een harmonisch instrument) en
je kunt er de meest uiteenlopende ritmes op spelen (dus de gitaar is ook een ritmisch instrument).
Er bestaat mooie muziek voor gitaar-solo, maar de gitaar wordt ook veel gebruikt als begeleidingsinstrument (bijvoorbeeld bij zang) en in allerlei samenspelcombinaties: gitaarduo, gitaartrio, gitaar plus fluit, enzovoort. De populariteit van de gitaar is ongetwijfeld mede te danken aan het feit dat het instrument in de popmuziek zoveel gebruikt wordt. Daarnaast biedt de gitaar ook praktische voordelen: het is gemakkelijk te vervoeren en niet duur. Een beginnersgitaar koop je al voor ca. 95 Euro; een elektrische gitaar plus versterker voor beginners kost ca. 275 Euro. Docent is Wim ter Hedde.

Harp

harpDe harp hoort bij de groep van snaarinstrumenten en nog specifieker bij de tokkelinstrumenten. De snaren van de harp bespeel je met je vingers. In een symfonie-orkest zie je weleens een enorme harp met onderaan zeven pedalen: dat is de pedaal- of concertharp.

De harp waarop je op de muziekschool speelt, is een Keltische of kleine harp. Zo’n kleine harp heeft 34 tot 38 snaren. De harp wordt in allerlei muzikale genres gebruikt, van barok tot populair, en natuurlijk ook in kerkmuziek. De harp kan mooi gecombineerd worden met dwarsfluit, blokfluit of viool, en zeker ook met zang. Je krijgt alleen les, maar er wordt ook aandacht besteed aan het samenspel met andere harpleerlingen en met leerlingen op andere instrumenten.

De muziekschool heeft twee Lutgerink-harpen plus een prachtige pedaalharp van het merk Salvi. Je hoeft dus niet elke keer je eigen harp mee hoeft te nemen. Een kleine harp kost rond de 2000 à 2500 Euro. De afschrijving is gelukkig laag. Het is bij sommige bouwers mogelijk om via een soort huurkoop-overeenkomst het instrument voor één jaar te huren. Docente is Liedewei Spruit.

Keyboard

keyboardKeyboard is een instrumenten met veel mogelijkheden.
Het instrument bevat honderden ritmes en klanken.
De ritmes, beter gezegd styles variëren van traditionele dansritmes als wals, foxtrot, polka en mars tot moderne styles als beat, funk, disco, house, reggae en dance.
Ook in klanken (voices) zijn de keuzemogelijkheden enorm: piano, trompet, viool, gitaar, fluit; alle orkest- en soloinstrumenten zijn er te vinden. Maar ook synthesizerklanken en choir en vocals.
Het is belangrijk even te overleggen wat voor instrument je koopt voordat je op les gaat. Een nieuw en goed keyboard is al te koop voor 200 euro.
Je kunt ook zoeken naar een tweedehands. Ook daarvoor geldt: overleg even met onze docent.
Op een wat uitgebreider keyboard kun je je eigen spel opnemen en ook liedjes invoeren via een USB-stick of via internet.Er wordt lesgegeven uit moderne methodes, aangepast aan de leerling. Na een tijdje kun je al een eenvoudige popsong spelen.
Als je gevorderd bent proberen we bij uitvoeringen een bandje te vormen met gitaren, zang, piano en of keyboard.

Docent keyboard is Gerard Keilholtz.

Koorscholing

De cursus Koorscholing is bedoeld voor koorleden en andere zanglustigen uit Rijssen en omgeving. Tijdens deze lessen komen allerlei zaken aan de orde die voor elk koorlid van belang zijn: ademtechniek en stemgebruik, toontreffen, maar ook het notenschrift. Het is een praktijkgerichte cursus, waarin vooral veel gezongen wordt: theoretische zaken worden behandeld aan de hand van de gezongen muziek. Veel koorleden uit de wijde regio hebben de cursus Koorscholing al in Rijssen gevolgd en merken nog steeds dat zij profijt hebben van deze lessen.

De cursus wordt gegeven door Heleen Steenbergen, die tevens als docente solozang en als dirigente van het vrouwenkoor aan de Muziekschool verbonden is. De cursus omvat 10 klassikale lessen van 1 uur. Als er weer een cursus Koorscholing start, wordt dit aangekondigd in de pers en via brieven aan de plaatselijke koren.

Orgel

orgelHet orgel wordt wel de koningin van de muziekinstrumenten genoemd. Zoveel verschillende klankkleuren uit één instrument, zo’n indrukwekkend geluid en vaak ook nog zo prachtig om te zien! Een goede organist is tegenwoordig wel héél welkom: in veel kerken zit men werkelijk te springen om iemand die het orgel kan bespelen tijdens de kerkdiensten.

De Rijssense Muziekschool heeft al heel wat kerkorganisten opgeleid. Op dit moment zijn er in Nederland waarschijnlijk nauwelijks muziekscholen te vinden met méér orgelleerlingen dan in Rijssen! Geen wonder dat ook orgelstudenten van onder meer het Twents Conservatorium in Enschede voor hun praktijkstage vaak naar de Rijssense Muziekschool worden verwezen: dáár kunnen ze het vak leren. Voor het geven van orgellessen beschikt de Muziekschool over een prachtig pijporgel, gebouwd door de firma Klop uit Garderen in 1998. Leerlingen die toegang hebben tot een kerkorgel, krijgen ook wel les in hun eigen kerk.

Van tijd tot tijd maken de orgelleerlingen excursies naar historische of nieuwe pijporgels. Zo zijn we al eens in Groningen geweest, verschillende keren in Zwolle, naar het Muziekcentrum in Enschede en de afgelopen keer naar het orgelmuseum in Elburg en een orgelmakerij in Heerde. Jaarlijks verzorgen de gevorderde orgelleerlingen een concert in de stadhuishal of in de Schildkerk; wie nog niet zo lang les heeft, krijgt de gelegenheid om tijdens de voorspeelavonden in een van de plaatselijke kerken (Sion, Hoeksteen) te spelen.

Naast klassieke muziek en kerkmuziek kan ook het lichtere genre worden behandeld tijdens de orgellessen; de keuze van de muziek wordt mede afgestemd op de voorkeur van de leerling. De orgellessen worden gegeven als individuele lessen.
Docenten zijn Dick Sanderman en Gerard Keilholtz.

Piano

pianoDe piano zoals wij die kennen, is rond 1710 uitgevonden door Cristofori. Daarvóór bestonden al wel toetsinstrumenten waarvan de klank door snaren wordt voortgebracht: clavecimbel en clavichord. De piano is een heel veelzijdig instrument. Je kunt er heerlijk in je eentje op spelen, maar als je niet zo’n eenling bent kun je ook vierhandig pianospelen of met je piano een ander instrument begeleiden: de piano is het begeleidingsinstrument bij uitstek.

Alle soorten muziek kun je op de piano kwijt: van klassiek tot lichte muziek, maar ook in de jazz en pop wordt de piano gebruikt. Een piano is niet goedkoop. Een nieuwe piano koop je vanaf ongeveer 2000 Euro. Een goede tweedehands piano is te koop vanaf ca. 950 Euro. Tegenwoordig kun je ook eerst een piano huren; besluit je binnen een jaar, de piano te kopen, dan wordt de reeds betaalde huur van de koopsom afgetrokken. Een piano moet regelmatig (twee keer per jaar) gestemd worden.

De pianolessen worden op een heuse vleugel gegeven, als individuele lessen. Docenten zijn Corien Baan en Yvonne Lenoir.

Saxofoon

saxofoonDe saxofoon is in 1841 uitgevonden door de Brusselse instrumentenbouwer Adolphe Sax. De saxofoon wordt gerekend tot de houten blaasinstrumenten, omdat het instrument met een enkel houten riet wordt bespeeld; de rest van de saxofoon is echter van metaal. Adolphe Sax bouwde zijn instrument in verschillende groottes, zodat we nu beschikken over de sopraansaxofoon, de altsaxofoon, de tenorsaxofoon en de baritonsaxofoon. Hoewel sommige componisten erg onder de indruk waren van de klank van de saxofoon, is er aanvankelijk maar weinig muziek voor het instrument gecomponeerd. Wel kreeg de saxofoon een plaats in het harmonieorkest. Rond 1920 werd de saxofoon steeds populairder, nadat jazz-muzikanten het instrument gingen gebruiken. Tegenwoordig wordt de saxofoon ook in de popmuziek gebruikt. Heel bekend is de nederlandse saxofoniste Candy Dulfer. Thans heeft de saxofoon een vaste plaats in de harmonie- en fanfareorkesten. Ook is veel muziek voor saxofoonkwartet, waarin sopraan-, alt-, tenor- en baritonsaxofoon samen spelen.

Een nieuwe altsaxofoon kost ongeveer 590 Euro, een nieuwe tenorsax kost ongeveer 950 Euro. Daarbij komen dan de rieten, die regelmatig vervangen moeten worden. Een riet kost 2,30 Euro per stuk. Een saxofoon kun je ook huren: voor beginnende saxofonisten een interessante mogelijkheid!

De saxofoonlessen worden indien mogelijk gegeven als groepslessen (zie dwarsfluit). Docent is Wilbert Sleumer.

Trompet

trompetDe trompet is een koperen blaasinstrument, dat al heel lang bestaat. De Israëlieten hadden al vóór onze jaartelling een zogenaamde sjofar, een zilveren trompet waarop alleen de priesters mochten spelen. In de middeleeuwen waren trompetten (en pauken) instrumenten die alleen bij bijzondere gelegenheden werden gebruikt, voor hoogwaardigheidsbekleders, stadswachten en schutterijen. Sinds ca. 1830 heeft de trompet ventielen; cylinders, voorzien van gaten. Hiermee kun je tonen verlagen, zodat een echte melodie gespeeld kan worden. Dankzij deze uitbreiding van mogelijkheden heeft de trompet ook een volwaardige plaats gekregen in het symfonieorkest. De trompet wordt in alle muziekstijlen gebruikt, van klassiek tot jazz en populaire muziek.

Een nieuwe trompet kost ongeveer 590 à 640 Euro. Bij sommige winkeliers kun je binnen datzelfde bedrag ook nog een goed mondstuk uitkiezen.

De trompetlessen worden indien mogelijk gegeven als groepslessen (zie dwarsfluit). Docent is Jan Geuke.

Viool

vioolVan alle strijkinstrumenten heeft de viool de kleinste afmeting. De viool is een zogenaamd groei-instrument: het is in verschillende maten te koop. We spreken over een kwart-, een halve-, een driekwart- of een hele viool. Een kwalitatief goede complete set (viool, strijkstok en koffer) kost ca. 500,- Euro, maar is ook te huur bij diverse vioolbouwers.

Door de huidige benadering van het vioolonderwijs is het voor de meeste leerlingen mogelijk, binnen enkele maanden een aantal liedjes te spelen in de eenvoudigste toonsoorten. Een goede motoriek en karaktereigenschappen als doorzettingsvermogen en precisie zijn een richtlijn waaraan de toekomstige vioolleerling moet voldoen.

De vioollessen worden indien mogelijk gegeven als groepslessen (zie dwarsfluit). Docent is Jan Dam.

Zang

zangSolozang -de naam zegt het al- is in je eentje zingen voor publiek. Niet iedereen die zangles neemt, heeft ook de ambitie om werkelijk als solist op het podium terecht te komen. Misschien zouden we de term solozang dus beter kunnen veranderen in “zangles individueel” of iets dergelijks. Het gaat er tenslotte om dat tijdens deze lessen individueel gewerkt wordt aan stembeheersing en ademtechniek, maar ook aan de durf om -toch- voor publiek te zingen. Je voelt je zekerder omdat je weet wat je mogelijkheden zijn, maar ook omdat je weet hoe je moeilijke momenten kunt oplossen. Iemand die af en toe eens meezingt bij een of andere gelegenheid, gebruikt z’n stem onbewust, maar iedereen die zingen als hobby heeft (denk aan leden van koren, gospelgroepen, maar ook popgroepen) zal de stem echt bewust moeten gebruiken. Juist voor deze mensen is het volgen van solozang-lessen aanbevelenswaardig.

De eerste stap om solozang te gaan doen is het moeilijkst, de angst om alleen te zingen zit ons allen in het bloed. Maar als je eenmaal begonnen bent, zal je angst langzamerhand plaats maken voor zelfvertrouwen en zal je plezier in het zingen vergroot worden.

De zanglessen worden in principe gegeven als individuele lessen. Nu en dan vervalt de individuele les en komen alle zangleerlingen tegelijk voor een groepsles. Aan het eind van het cursusjaar verzorgen de zangleerlingen altijd een uitvoering in de Open Hof.
Sinds 1995 bestaat de mogelijkheid om mee te zingen in het vrouwenkoor van de Muziekschool. Deelname aan dit koor, dat eenmaal per twee weken op woensdagavond repeteert, is voor leerlingen van de Muziekschool gratis. Niet-leerlingen betalen wel contributie. We starten nu ook met een Vocal Group, speciaal voor jongeren in de middelbare schoolleeftijd.

Docente zang en dirigente van het vrouwenkoor en van de Vocal Group is Fenny van Hemmen.